Iedereen verdient een gezicht en een verhaal
Iedere ochtend zie ik het opnieuw in de straten van Brussel. De weg naar mijn werkplek wordt getekend door vuil dat werkmannen voor de zoveelste keer tegen de middag weten weg te toveren. Maar wat ze niet kunnen wegpoetsen, zijn de mensen op elke hoek van de straat. De gezichten die we niet zien, niet willen of niet kunnen zien. En dat doet me, met elke dag die voorbijgaat, meer pijn.
We lopen er allemaal langs. Een man op een bankje, een vrouw bij de supermarkt, iemand die zijn slaapzak oprolt in een portiek. Vaak kijken we snel weg, niet uit onwil, maar uit ongemak. Toch is dat precies waar het misgaat. Mensen op straat verliezen niet alleen hun huis, maar ook hun gezicht, hun verhaal, hun stem, hun menselijkheid. Volgens de Koning Bouwdewijnstichting waren in Vlaanderen in 2023 bijna twintigduizend mensen dakloos, onder wie bijna zesduizend kinderen. In Brussel werd in 2024 een stijging tot bijna tienduizend mensen zonder stabiele woning vastgesteld, een toename van vijfentwintig procent in slechts twee jaar tijd. Ongeveer een derde van de volwassenen in deze situatie kampt met ernstige psychische of verslavingsproblemen. Voor gezinnen en kinderen is dakloosheid extra ingrijpend: het betekent schoolverzuim, sociale isolatie, verhoogde stress en psychische problemen. Vanuit gezinswetenschappelijk perspectief weten we dat deze factoren niet tijdelijk zijn... Ze beïnvloeden de ontwikkeling van kinderen en de stabiliteit van gezinnen op de lange termijn.
Wetenschappelijk onderzoek bevestigt wat je ziet in de stad. De trajecten van mensen die dakloos worden zijn vaak chaotisch en geleidelijk, beïnvloed door schulden, werkverlies, relatiebreuken en andere instabiliteiten. Veel dakloosheid blijft bovendien verborgen, bijvoorbeeld bij jongeren die tijdelijk bij vrienden logeren of gezinnen die van opvang naar opvang trekken. Bij bijna twintig procent van psychiatrische patiënten blijkt dakloosheid of ernstige huisvestingsproblemen aanwezig, wat aantoont dat deze problematiek structureel verbonden is met sociale en psychische kwetsbaarheid. Het is duidelijk dat dakloosheid geen individuele kwestie is, maar een probleem dat huisvesting, gezin, inkomen en gezondheid met elkaar verweven laat zien.
De Vlaamse overheid investeert miljarden in sociale woningen en hanteert het “Housing First”-model, terwijl Brussel werkt aan een masterplan om dakloosheid tegen 2029 uit te roeien. Toch blijft kritiek luid: lange wachtlijsten en structurele tekorten bedreigen het recht op huisvesting, zoals ook door de Raad van Europa werd vastgesteld. Maar beleid alleen is niet genoeg. Erkenning en zichtbaarheid zijn minstens zo belangrijk. Een goed beleid kan zorgen voor een bed en een dak, maar het is het contact, het zien en erkennen van mensen dat hun menselijkheid teruggeeft.
Daarom is het noodzakelijk dat we als samenleving verder kijken dan alleen cijfers en beleidsmaatregelen. Een glimlach, een goedemorgen, een luisterend oor, het zijn kleine gebaren die voor mensen die onzichtbaar worden gemaakt een wereld van verschil kunnen betekenen. Scholen en hulpverleners moeten kinderen en gezinnen met instabiele woonomstandigheden vroegtijdig signaleren en ondersteunen, niet alleen met huisvesting, maar ook met psychische hulp, scholing en gezinsondersteuning. Het beleid moet integrale trajecten aanbieden die huisvesting, werk, inkomen en geestelijke gezondheid combineren, en de stem van ervaringsdeskundigen moet centraal staan om maatregelen effectief en realistisch te maken.
Wat mij dagelijks raakt, is niet alleen hun aanwezigheid, maar onze afwezigheid. De manier waarop we langs hen lopen alsof ze niet bestaan, alsof ze geen verhalen hebben, geen dromen, geen pijn. En elke keer dat ik mijn blik afwend, voel ik een stukje van mijn menselijkheid verdwijnen. Een samenleving toont haar ware gezicht niet in rijkdom of architectuur, maar in hoe ze omgaat met wie achterblijft. Wie op straat leeft, verdient niet alleen een bed en een maaltijd, maar ook iets fundamentelers: gezien worden.
De volgende keer dat je iemand op straat ziet, kijk niet weg. Zeg goedemorgen. Glimlach. Luister. Erken. Want echte verandering begint niet bij beleid alleen, maar bij de moed om elkaar écht te zien. En dan rest de vraag: als wij blijven wegkijken, wie zijn wij dan eigenlijk geworden?
Bronnen
Belga News Agency (2024); Bruss’Help (2024); Catthoor et al. (2024); Council of Europe (2021); De Decker & Segers (2014); Deleu et al. (2021); Demaerschalk et al. (2024); koning Boudewijnstichting (2023); Decoster & Deboosere (2022).

Reacties
Een reactie posten