Waarom koos jij voor de politiek Kenzië?
Waarom zijn we vandaag als bevolking zo verdeeld over de politiek? Waarom lijkt het alsof niemand nog echt gelooft in wat er in Brussel, Europa of waar dan ook beslist wordt? Misschien omdat politiek vandaag niet langer over overtuigingen gaat, maar over imago’s. Omdat het politieke spel meer lijkt op een mediashow dan op het doordachte debat dat ooit in de parlementaire kamers gevoerd werd.
We zien politici niet langer als volksvertegenwoordigers, maar als bekende gezichten die even vaak of nog meer in talkshows zitten als in commissies. Ze doen meer aan imago dan aan inhoud. Ze willen sympathie winnen in plaats van vertrouwen. Moeten we dan niet eens durven vragen of de politiek niet beter terugkeert naar de eenvoud van vroeger, toen het debat nog in de kamers gevoerd werd, zonder camera’s en zonder applaus? Toen een politicus nog een vakman was in dossiers, niet in mediatraining? Of in perfect gefotoshopte portretten in glanzende blaadjes en magazines, waar de schijn belangrijker lijkt dan de inhoud.
En waarom zouden we nog geloven in de politiek? Een terechte vraag, zeker als we de begrotingen onder de loep nemen. Politici vragen van burgers offers: besparen, inleveren, “de broeksriem aantrekken”. Maar wanneer komt die besparing eens bij henzelf terecht? Waarom blijft het aantal zetels onaangeroerd, waarom blijven de partijsubsidies en vergoedingen stijgen? De boodschap lijkt duidelijk: besparen mag, zolang het niet op hun eigen middelen is.
Politiek zou de stem van het volk moeten zijn. Van alle burgers, niet enkel van zij die het al goed hebben. Maar vandaag lijkt het eerder een gesloten club, waar wie de juiste connecties heeft, het verst raakt. Macht is het doel geworden, niet het middel. De ruggen worden gestreeld zolang het nuttig is, en de messen worden getrokken zodra een postje in gevaar komt. Een oude wijsheid die ik ooit hoorde van twee bijzonder verstandige vrouwen blijft me bij: “Je moet niet bang zijn voor de messen die andere partijen trekken, maar voor die van je eigen partij.”
Is dat dan de politiek die we willen? Een strijd om ego’s, posities en zetels, terwijl gezinnen worstelen om hun energierekening te betalen? Terwijl jongeren de hoop verliezen in een systeem dat meer lijkt op een toneelstuk dan op een representatieve democratie?
En wat te denken van politici die hun geweten moeten inslikken omdat de partijlijn het zo zegt? Mag een volksvertegenwoordiger nog vrij denken, of riskeert deze dan het mes in de rug? Denk aan de moeilijke discussies over abortus of de positie tegenover Palestina. Thema’s die diep raken, maar waar de partijdiscipline zwaarder weegt dan de menselijke overtuiging. Is dat nog eerlijk?
We moeten ons durven afvragen... voor wie is de politiek er nog? Voor de lucky few die de juiste kringen kennen, of voor de miljoenen burgers die elke dag proberen rond te komen? Politiek zou niet de spiegel van macht moeten zijn, maar van menselijkheid. Niet van ego’s, maar van engagement.
Misschien is het tijd dat we die vraag niet langer alleen aan politici stellen, maar ook aan onszelf. Want zolang wij blijven stemmen op imago in plaats van op integriteit, zal politiek blijven wat het vandaag is: een toneelstuk waarin de hoofdrolspelers vooral voor zichzelf spelen.
Eén ding dat ik geleerd heb van de verkiezingen in Nederland, is dat we als mens nog te vaak stemmen met ons hoofd in plaats van met ons hart. We stemmen op wat goed is voor onszelf, voor onze welvaart, maar vergeten daarbij te denken aan de mensen onderaan de maatschappelijke ladder. De mensen die elke dag de gevolgen dragen van beslissingen waar ze zelf weinig invloed op hebben.
En daarom koos ik voor het leven in de politiek, niet om dat het leuk is. Maar omdat er varandering moet komen. Politiek moet (terug) van het volk worden. Niet van politiekers die besturen met hun hand in de geldbeugel en met de leugens op hun tong.
Daarom!

Reacties
Een reactie posten